Tiroolse toestanden
Na langlauflessen volgt een langlaufvakantie. Over de lessen heb ik het al gehad, de vakantie zou de bekroning op onze sportieve inspanningen op de lange latten worden. Wij hadden ons ingetekend op een 'langlaufsafari' die door het destijds populaire Bex Reizen werd aangeboden. Het bestaat niet meer, het is later ingelijfd door Oad. Bex was bekend om de voordelige reizen die vooral in huis-aan-huis bladen werden geadverteerd. En 'safari' betekende, dat de bus ons voor de broodnodige variatie elke dag naar een andere plek zou brengen om de loipes te bedwingen. Met wilde dieren had het niets van doen.
Die variatie was wel noodzakelijk, want bij goedkope reizen zit natuurlijk vaak een addertje onder het gras. Of onder de sneeuw, in dit geval. Ons hotel stond in het Tiroolse gehucht Brandenberg, een soort lintbebouwing langs een straat waar verder niet veel te beleven valt. Hotel, wat huizen, een levensmiddelenwinkel en een Altersheim, dat was het. Geen après ski, tenzij je de bingo-avond in het hotel als zodanig kon bestempelen. Gasthof Ascherwirt was overigens een keurig hotel met mooie kamers, waar niets op aan te merken viel. Het bestaat nog steeds. Nadeel van zo'n afgelegen bestemming was dat er, behalve een door het hotel in een weiland uitgezette loipe, verder geen mogelijkheden waren om de nieuw verworven talenten op de langlaufski's te benutten. Vandaar dat de bus ons elke dag naar een loipe in de regio zou brengen.
Busreizen heb je in alle prijsklassen en dit was budget. Ik
geloof graag dat een cultuurreis naar de châteaux langs de Loire of de musea
van Toscane een geheel ander publiek trekt dan een bus van Bex naar
Brandenberg. Laten we het erop houden dat er vooral echtparen van middelbare
leeftijd meereisden. Waarvan je de mannelijke helft kon omschrijven als
joviale, amicale jongens van de gestampte pot. En dat waren wij dus niet. Maar
daar konden we ons overheen zetten, gedrieën op de achterste bank van de bus,
zo ver mogelijk verwijderd van de grappen en grollen van het gepeupel. Low budget
vertaalde zich ook naar de bus zelf, want een toilet ontbrak. Iedereen werd
geacht over een sanitaire discipline te beschikken, die pas los kon worden
gelaten wanneer we bij de volgende stopplaats de benen zouden mogen strekken.
Sneeuwplasser
Pap We kwamen aan in Brandenberg. Na het diner gingen we naar buiten. Het sneeuwen was gestopt, en de wereld was sprookjesachtig in de ongerepte sneeuw. Het maanlicht streek over een weide, waarin miljoenen sneeuwkristallen schitterden. Het was goed dat we dit zagen. Want dit was de laatste verse sneeuw die wij zouden beleven, er kwam de hele week verder niets meer naar beneden. Ook de temperatuur nam een radicale wending. Het was nog februari, maar het werd lente. Dat was de eerste twee dagen nog geen probleem. De bus bracht ons naar loipes waar prima kon worden gelanglauft. Dat werd op dag drie al een stuk moeilijker, maar de chauffeur vond voor ons een verre loipe in de buurt van Pertisau, zo hoog mogelijk in de bergen. Het mocht niet baten, ook daar werd alles pap. 's Middags had het geen zin meer om nog door de blubber voort te schuifelen. Totdat de bus ons weer naar Brandenberg zou brengen, sjokten we als alternatief door de straten van Pertisau, in vol skipakornaat, zwetend in de zon bij zo'n 16 graden. Inwoners trokken hun wenkbrauwen op als wij besmuikt voorbij liepen.
De coureur
bochtige weggetje naar beneden. Het was zo'n echte VW bus van de oude stempel, met de motor achterin en geen kreukelzone aan de voorkant zodat je met de neus op de weg denkt te zitten. Onder normale omstandigheden is een rit in zo'n VW al een zenuwslopende belevenis, laat staan met halve tennisbalbediening. Hij moet niettemin een goede rijder zijn geweest, want anders zouden de Brandenbergers hun kinderen niet dagelijks aan de eenhandige Nikki Lauda hebben toevertrouwd. We hebben het overleefd.



Reacties
Een reactie posten