Een blik vol redders in trainingspak
In het verleden heb ik in de winter, wanneer er sneeuw in het vooruitzicht was, verschillende malen koersgezet naar Willingen. Hotel gebeld, langlaufski's in de auto en vier en half uur later zit je in de sneeuw. Loipes genoeg, en als je het langlaufen zat ben, zijn er nog altijd de wandelroutes. Vooral die wandelroutes kunnen een verrassing zijn, als je je eigen conditie hebt overschat en na uren banjeren in de sneeuw aan het einde van de dag elke pees en spier in je lichaam protest aantekent. Waarom doen ze dat niet eerder, zodat je jezelf tijdig kunt aanpassen? Op een van die langweekendtrips ging het echter op een andere manier faliekant mis, en wel op dag één. Ik kan het gooien op een Nederlands gebrek aan inschattingsvermogen bij sneeuwcondities, maar laten we het er maar op houden dat bij het inpakken van de reistas de ratio was achtergebleven.
De
sneeuw viel al gestaag naar beneden die vrijdagmiddag toen we Willingen
binnenreden. Desondanks dachten we dat het wel een goed idee zou zijn om die
eerste avond te gaan eten in een gasthaus op een mooie plek halverwege de
Ettelsberg. Daar waren we al eens eerder geweest en het was goed eten daar. Met
een beetje geluk zit je aan een raam met
een schitterend uitzicht over Willingen. Ik geef toe, de kans op een raamplekje
was wellicht niet zo groot op vrijdagavond. En wat wij dachten aan uitzicht te
kunnen zien door de toch wel behoorlijke sneeuwval heen, weet ik eigenlijk ook niet.
Niettemin, wij zetten koers over het smalle weggetje dat tussen de weilanden door
omhoog naar het gasthaus loopt.
Het gebouw halverwege de Ettelsberg met de verlichting langs het dak was de beoogde bestemming.
Terwijl ik daar reed, begon ik al na zo'n honderd meter op het weggetje toch wel te twijfelen aan het voornemen om onder deze omstandigheden de berg
op te rijden. Want je zal na het eten in de duisternis en door de sneeuw ook
weer naar beneden moeten. Nu zou de Honda, met z'n voorwielaandrijving
en winterbanden daar geen probleem mee hebben, maar het weggetje was op geen enkele manier gemarkeerd met hekken, paaltjes,
lantaarns of wat dan ook. Ik kon nu nog wel de bandensporen zien van auto's
die daar eerder hadden gereden, maar dat zou het sneeuwdek waarschijnlijk wel
gaan verhullen. "Ik ga niet verder", zei ik tegen mijn reisgenoot.
"Ik draai om."
Het is een vreemde gewaarwording als je de voorwielen plotseling
in diepe sneeuw voelt wegzakken. Daar
stonden we, slachtoffers van een dichtgesneeuwde greppel die door het sneeuwdek
niet was te onderscheiden van het plaveisel en met een auto die in een hoek van 90
graden ten opzichte van de bergweg stond. In de sneeuw, terwijl het snel donkerder werd.
Er zijn vakantiemomenten waar je meer van geniet.
Hulp in aantocht
Terwijl we daar zo'n vijf minuten naast de auto stonden om te bedenken wat ons te doen stond - zo'n 1.500 meter naar het hotel teruglopen en daar hulp vragen leek de enige oplossing - naderden in de sneeuwval koplampen vanuit de richting van de berg. Een Volkswagenbus stopte en de man achter het stuur stelde de retorische vraag of wij hulp nodig hadden. Vervolgens riep hij iets tegen zijn passagiers, de schuifdeur ging open en tot onze verbazing sprong daar een hele groep gespierde en afgetrainde jongens van een jaar of 18 uit.
Het kunnen er zes of acht zijn geweest, dat weet ik niet precies meer, maar het was alsof er een blik gasten in trainingspak werd opengetrokken. Ze waren allemaal gehuld in een identiek sporttenue. Het enige wat bij de redders ontbrak was een
St. Bernardhond met een vaatje om zijn nek. Na kort overleg dat misschien nog
geen 20 seconden duurde, namen de jongemannen positie rond de auto, tilden hem op
alsof die niets woog, en zetten hem met de neus op de weg in de richting van
Willingen. Nog voordat we de kans kregen om de redders in de nood uitgebreid te
bedanken, sprongen ze alweer in de Volkswagen. De chauffeur groette ons nog, en
het busje verdween in de sneeuwjacht. We konden nog net op de achterkant van de bus
zien dat daar het woord 'skiteam' stond. Het duurde bij elkaar hooguit twee minuten. Een hallucinatie? Je zou het
bijna zeggen. Maar laten we het op een gelukkige toevalligheid houden, die je
niet zou geloven als iemand je het zou vertellen.
De volgende ochtend konden alsnog met een spade in de weer om de auto uit te graven
op een parkeerterrein nabij het hotel. De sneeuwschuiver van de gemeente
Willingen had een behoorlijke dijk opgeworpen, waar de auto achter stond. De Honda
was andermaal een gevangene van de sneeuw. Maar nu wel met vaste grond onder de
wielen.
De Honda toen de zon weer scheen - op hetzelfde weggetje.


Reacties
Een reactie posten